De lege rode loper
BRUSSEL – Close-up candida hofer portretteert brussel Niets is onscherp in de lege interieurs van Candida Höfer. De Duitse fotografe stelde haar camera op in vijf concertzalen en musea van de hoofdstad.
Eindeloze rijen onbezette stoelen, verlaten loges, kale gangen, onbetreden rode lopers. Candida Höfer heeft van lege gebouwen haar handelsmerk gemaakt. De Duitse fotografe is gespecialiseerd in publieke ruimtes, maar dan zonder publiek.
De voorbije twee jaar raakte ze in de ban van Brussel, naar eigen zeggen ‘een stad met veel representatieve, merkwaardige gebouwen’.
Ze zocht zes karakteristieke locaties uit. Höfer kwam uit bij het Paleis voor Schone Kunsten, Flagey, de Munt, het prentenkabinet van de Koninklijke Bibliotheek, het Koninklijk Museum voor Schone Kunsten en het Conservatorium. In totaal maakte ze 22 foto’s. Ze zijn verzameld in het prachtige boek Brussels series, een selectie kan je deze zomer op twee locaties zien.
Hoewel Höfers procédé intussen bekend is, overrompelt de esthetische kracht van haar groot-formaatfoto’s. Het is alsof je bekende plekken voor het eerst te zien krijgt. De regiecabine van Flagey roept niet de sfeer op van een cultuurcentrum, maar van een duikboot. De grote zaal van het PSK, die al honderden malen gefotografeerd werd, ontvouwt zich plots als een auditorium in breedbeeld.
De onbehaaglijkheid die je gewoonlijk overvalt bij lege ruimtes, is bij Höfer niet te bespeuren. Door haar spartaanse aanpak dringt ze door tot de essentie van een gebouw. Ze accentueert de elegantie van de architectuur, zowel van pompeuze bonbonnières als van strakke modernistische interieurs. Niets is onscherp. In hun nuchterheid vallen de foto’s nog het meest op door het bijzondere licht, dat de dingen zacht doet glanzen.
Desolaat
Candida Höfer (63) komt uit de Düsseldorfse school. Ze is een artistieke erfgename van Bernd & Hilla Becher, het fotografenechtpaar dat op een uiterst precieze, bijna zakelijke manier het industriële erfgoed in kaart heeft gebracht.
Ook Höfer werkt het liefst in reeksen. Al meer dan vijfentwintig jaar concentreert ze zich op de binnenkant. Haar voorkeur gaat uit naar monumentale ruimtes waar de geschiedenis sterk aanwezig is, zoals aula’s, concertgebouwen, bibliotheken of musea. Stuk voor stuk zijn het tempels van kunst en wetenschap. Of, met de verzamelnaam die een Duitse criticus ervoor bedacht: ‘de machinekamers van de beschaving’.
Decoratieve en kleurrijke interieurs, van het type van de Munt, zijn relatief nieuw in haar werk. Haar voorkeur gaat uit naar strenge architectuur. ‘Maar die is ook het moeilijkst om te fotograferen’, zegt ze. ‘Elk storend detail stoort op mijn foto’s in hoge mate. Ik probeer zoveel mogelijk de helderheid te bewaren.’
Lege gebouwen hoeven daarom nog geen desolate gebouwen te zijn, vindt Candida Höfer. ‘Ik waak erover dat hun functie in de foto’s duidelijk zichtbaar blijft. Het zijn ruimtes die avond na avond beleefd worden door een publiek van vandaag. Alleen: op het gepriviligieerde moment waarop ik de opnames maak, zijn ze dat eventjes niet.’
Höfer rekent niet op technische snufjes. In tegenstelling tot veel van haar collega’s schakelt ze geen batterij met grote middelen in. Ze werkt met een eenvoudige technische camera en met de bestaande belichting.
‘Voor de opname en het camerastandpunt ga ik uit van liefde op het eerste gezicht. Het echte werk is voor achteraf. Het proces van uitvergroting, het bepalen van de juiste kadrering en het formaat: die dingen zijn voor mij minstens even belangrijk. Het is een precisiewerkje, waarvoor ik de foto’s met witte stroken afplak om het juiste effect te kunnen zien.’
Wil ze de ziel van een gebouw blootleggen? Het is een vraag die je eigenlijk niet hoort te stellen aan een vaandeldraagster van de Nieuwe Zakelijkheid en een strenge dame zoals Höfer.
Toch speelt gevoel in haar werk een grote rol, zegt ze. ‘Als ik eraan begin, dan zijn mijn onderwerpen mij al genegen. Dan is er al sprake van een grote affiniteit. Maar gevoel alleen is niet voldoende. Het resultaat is pas goed als het mij, na lang zoeken en meten, zelf weet te verrassen.’
Candida Höfer, ‘Brussels series’.
Tot 9 september zijn vier foto’s te zien in het PSK in Brussel.
Van 3 augustus tot 12 september bij Patrick De Brock Gallery in Knokke (in het weekend en na afspraak 050-62.13.09)
Geert Van der Speete
(bron: De Standaard 18 juli 2007)
